Welke prijsmodellen zijn er voor een bureau?
Grofweg vier: het uurtarief, een vast tarief per project, een retainer (vast bedrag per maand) en value-based pricing (prijzen op de waarde voor de klant). Ze staan als een trap onder elkaar. Elke trede haalt je verder los van je eigen uren en zet je marge omhoog.
Is een uurtarief slecht voor een bureau?
Niet slecht, wel beperkend. Zolang je uren verkoopt, is je plafond de optelsom van jullie tijd, en word je gestraft zodra je sneller en beter wordt. Voor een bureau dat wil groeien is het meestal de eerste trede om vanaf te stappen, niet het eindstation.
Wat is het verschil tussen een retainer en value-based pricing?
Een retainer is een vast bedrag per maand voor doorlopend werk. De winst zit in voorspelbaarheid. Value-based pricing koppelt je prijs aan de waarde die je voor de klant aanzet, los van tijd of pakket. De winst zit in marge. Een retainer kan value-based geprijsd zijn, dat sluit elkaar niet uit.
Hoe stap je over van een uurtarief naar een vast tarief?
Begin bij één klant, niet bij je hele bureau. Bepaal een afgebakend stuk werk, leg de scope strak vast en zet er een vaste prijs op in plaats van uren. Zo test je het model met beperkt risico en zie je meteen wat het met je marge doet.
Welk prijsmodel geeft de hoogste marge?
Value-based pricing, omdat je prijst op wat het oplevert en niet op wat het jou kost. Het vraagt ook het meeste: je moet de waarde kunnen benoemen en je bedrag durven uitspreken. Een strak geprijsde retainer of projectprijs zit daar qua marge net onder en is vaak een realistischere eerste stap.
Wat is het beste prijsmodel voor een klein bureau van 2 tot 10 man?
Er is geen model dat voor iedereen het beste is, wel een richting. Weg van losse uren, naar een vast bedrag of een waardeprijs, zodat je omzet niet meer een op een aan jullie tijd hangt. Voor een bureau van deze omvang is dat vaak de belangrijkste stap om je marge en je rust tegelijk omhoog te krijgen.